Voorstel van mini-mini overeenkomst biedt geen enkele garantie !

Alle zelfstandige zorgverstrekkers uit de nomenclatuursectoren leveren sinds 1 januari  hun volledige indexatie in.

In de forfaitaire sectoren werd de betoelaging wel aangepast aan de stijging van de levensduurte, de loontrekkenden en uitkeringsgerechtigden zullen pas in 2016 een indexsprong moeten incasseren.

Maar lang niet alle zelfstandige zorgverstrekkers worden op dezelfde manier behandeld...

Wat Axxon vergeet te vermelden is  dat de artsen een akkoord hebben bedongen dat naast de verhoging van het sociaal RIZIV-statuut tot € 4.535  tevens voorziet in een extra premie van € 500 voor de arts die tot dat akkoord toetreedt. Daar zijn blijkbaar wel middelen voor beschikbaar.

De kinesitherapeut die gedeconventioneerd is en dat mogelijk wenst te blijven, ziet zich weldra geconfronteerd met een daling van 25% van de terugbetaling voor zijn patiënten door de mutualiteiten.

Axxon heeft in zijn voorliggend voorstel van mini-conventie een accrediteringsforfait en een dringende herwaardering van de verplaatsingsonkost plots geschrapt, en creëert aldus voor de ziekenfondsen de ideale uitgangspositie om ook de komende 6 maanden lui achterover te leunen in hun fauteuil en NIETS te ondernemen.

Hebben twee driejarenplannen zonder enig resultaat tussen 2009 en 2014 ons dan echt niets geleerd ? Men heeft in 2014 het ganse jaar gewijd aan berekeningen en vergaderingen op het RIZIV. Willen de mutualiteiten wel iets ten gronde veranderen ?

Of zou de jaarlijkse toelage voor de werking van beroepsorganisatie – ruim € 400.000 – dan toch zo doorslaggevend zijn dat de Axxon-VIP’s bereid zijn daarvoor alle andere jarenlange en terechte eisen in te slikken ?