Uitvoering van het arrest van de Raad van State van 7 februari 2019, eindelijk de juiste aanpak (05-07)

Op 7 februari 2019 heeft de Raad van State de artikels 11 en 12 van de overeenkomst voorgesteld door het Verzekeringscomité voor de kinesitherapeuten 2017 en punten 2.1 tot 3 van de omzendbrief 2017/01 van het RIZIV aan de kinesitherapeuten van 10 maart 2017 vernietigd. Deze vernietiging had tot gevolg dat de vermindering van de vergoedingsbedragen met 25 % voor de verstrekkingen verleend door niet-geconventioneerde kinesitherapeuten niet mocht worden toegepast.

Na meer dan 2 jaar aandringen in de Overeenkomstencommissie neemt het RIZIV nu eindelijk de gepaste beslissing om te zorgen dat de rechthebbende patiënten alsnog correct vergoed worden, al zal het voor sommigen onder hen (inmiddels overleden) te laat zijn.

In 2019 werd de mogelijkheid gecreëerd dat de patiënt zich tot zijn mutualiteit kon wenden om het bedrag dat overeenstemt met de vermindering met 25 % van de vergoedingsbedragen terug te krijgen. In principe zijn de vorderingen verjaard sinds 7 februari 2021. Vanwege de tijdelijke en bijzondere maatregelen inzake de COVID-pandemie wordt die datum nu verplaatst naar 7 februari 2022.

Aangezien het RIZIV, na veel getreuzel, tot de vaststelling kwam dat slechts een heel beperkt aantal patiënten gebruik heeft gemaakt van die mogelijkheid, heeft het Verzekeringscomité nu een globale betaling goedgekeurd , waarbij het initiatief deze keer uitgaat van de verzekeringsinstellingen. Deze gecentraliseerde aanpak schept juridische eenvoud en vermijdt extra administratieve overlast voor de patiënt, zoals deze die gepaard ging met individuele aanvragen.

Men schat dat voor alle mutualiteiten samen er nog een bedrag van 10.004.792 euro zou moeten worden betaald voor 261.562 patiënten. Het RIZIV  zal in een nieuwe omzendbrief de instructies geven inzake deze betaling. De betrokken patiënten kunnen het bedrag waarop ze recht hebben in de loop van dit najaar op hun rekening verwachten.